Voorbij het ‘dikke-ik’: van theorie naar praktijk in onze gemeenschap

Door: Margreet Zandbergen

Tijdens mijn studie aan de Universiteit voor Humanistiek had ik het voorrecht om colleges te volgen bij Harry Kunneman, filosoof en criticus van wat hij het ‘dikke ik’ noemde. Sinds ik eind 2025 begon bij de Remonstranten in Haarlem, ervaar ik dagelijks hoe actueel en praktisch zijn gedachtegoed is.

Wat ik leerde van Kunneman

Kunneman hield ons in de collegebanken een spiegel voor. Hij analyseerde hoe onze samenleving doordrenkt is van individualisering en zelfontplooiing. Het ‘dikke ik’, dat voortdurend bezig is met zichzelf, met persoonlijk succes, met eigen groei en geluk, was volgens hem niet zozeer een oplossing maar juist een probleem van onze tijd.

Kunneman schetste hoe we na de Tweede Wereldoorlog traditionele bindingen achter ons lieten. Waar mensen vroeger ingebed waren in kerk, familie en buurt, kregen we steeds meer vrijheid om ons eigen leven vorm te geven. Op zich een bevrijding, maar die vrijheid sloeg door in een obsessie met het zelf. De markt sprong hier handig op in: je moet jezelf zijn, je potentieel benutten, je dromen waarmaken. Zelfhulpboeken, coaches, apps voor mindfulness – overal de boodschap dat jij de architect van je eigen geluk bent.

Een voorbeeld dat Kunneman gaf, herinner ik me nog goed: de manier waarop we omgaan met stress en burn-out. In plaats van te vragen of ons werk misschien te veeleisend is of onze samenleving te competitief, krijgen we als individu de opdracht om beter met stress om te gaan. Neem yogalessen, leer mindfulness, word veerkrachtiger. Het probleem wordt niet gezocht in de structuur, maar in het individu dat zich moet aanpassen. Zo wordt elk maatschappelijk vraagstuk een persoonlijk project, en raken we steeds verder verwijderd van collectieve verantwoordelijkheid en solidariteit.

Wat me het meest bijbleef, was zijn alternatief: het idee van horizontale transcendentie. Transcendentie betekent letterlijk ‘overstijging’. Het te boven komen van jezelf. Anders dan verticale transcendentie, waarbij we ons richten op iets hogers of goddelijks, gaat horizontale transcendentie over het overstijgen van jezelf door de ontmoeting met de ander. Je wordt een rijker, completer mens niet door alleen maar naar binnen of naar boven te kijken, maar door je radicaal open te stellen voor de medemens, juist in zijn of haar andersheid en kwetsbaarheid.

Kunneman pleitte voor een manier van werken en leven waarin we ons niet alleen laten leiden door effectiviteit of eigenbelang, maar door ethische betrokkenheid op de wereld en de mensen om ons heen.

Wat ik zie in Haarlem

Als programmaleider bij de Remonstranten in Haarlem zie ik dagelijks hoe deze theoretische begrippen tot leven komen. Onze gemeente is bij uitstek een plek waar mensen het ‘dikke ik’ achter zich laten.

Neem onze vrijwilligers. Natuurlijk, sommigen komen ook omdat ze zichzelf willen ontwikkelen of nieuwe vaardigheden opdoen, en dat is op zich niet verkeerd. Maar wat ik zie, is dat de échte motivatie dieper ligt. Ze komen omdat ze zich verbonden voelen met iets dat groter is dan zijzelf: een gemeenschap waarin mensen er zijn voor elkaar, waarin niemand buiten de boot valt, waarin kwetsbaarheid mag bestaan. De persoonlijke groei die ze ervaren, is niet het doel maar het bijproduct van die verbondenheid.

Bij de koffie na de dienst, door het uitdelen van bloemengroet, tijdens de workshops Verhalen Ophalen, overal zie ik die horizontale transcendentie gebeuren. Mensen laten hun eigen verhaal even los en laten zich raken door het verhaal van een ander.

Ik denk aan de dames van de opruimcommissie die wekelijks samenkomen om de meest stoffige hoekjes van ons gebouw op te frissen, niet omdat het moet, maar omdat zij zich verantwoordelijk voelen voor deze plek van samen-zijn. Of aan de jonge moeder die ondanks haar drukke leven tijd maakt om ’s avonds mee te denken over hoe we meer jongeren kunnen bereiken. En aan de leden van de kerkenraad die dag in dag uit klaar staan om met mij mee te denken over de grote en kleine vragen van onze gemeenschap.

Wat ik opnieuw leer

In een tijd waarin het dikke ik overal wordt aangemoedigd, is onze kerk een plek waar mensen ontdekken dat je groter wordt door je te verbinden met anderen. Dat is misschien wel de belangrijkste les die ik nu opnieuw leer: voorbij het dikke ik gaan maakt je niet kleiner, maar rijker, door de ruimte die ontstaat als je je opent voor de ander.

Het boek ‘Voorbij het dikke ik’ van Harry Kunneman is verkrijgbaar via: https://www.devriesvanstockum.nl/nl/boeken/9789088500275/voorbij-het-dikke-ik-1-h-kunneman