Over vasthouden en loslaten

Door: Sabine du Croo – de Jongh

Als je met een probleem zit, zeggen mensen nogal eens tegen je ‘Je moet het accepteren, neem het zoals het is, laat het los!’. En ja, soms is het goed om dingen los te laten; je niet meer druk te maken om dingen die je niet kan veranderen en waar je geen invloed op hebt. Of, dat kan ook, dingen waarbij jouw invloed de boel er niet beter op maakt (ook al hoop je, zeg je, van wel).

Maar dan, loslaten? Loslaten is toch ook niet de oplossing voor alles? Sommige dingen moet je niet loslaten, maar vasthouden. Bijvoorbeeld een huwelijk dat in de basis goed zit, je kinderen die een tijdlang meer steun nodig hebben, een vriend of vriendin die door een moeilijke periode gaat, een kerk die in een doorstart zit. Niks loslaten, vasthouden! zou ik zeggen. En vasthouden wil dan zeggen, de problemen die er zijn oplossen en er bij blijven. Niet weglopen, volhouden. Niet dat het altijd makkelijk is…

Maar wat is loslaten dan eigenlijk? Loslaten is niet hetzelfde als: de dingen uit je handen laten vallen, opgeven, in het honderd laten lopen. Sommige mensen hebben juist dàt als terugkerend probleem in hun leven, het leven glipt hun door de vingers, ze kunnen nergens voor gáan. Wat ze ondernemen gaat als een nachtkaars uit. Maar goed, dat is weer het andere uiterste. Loslaten en vasthouden zouden eigenlijk in balans moeten zijn in ons leven. Bij sommige situaties doe je het één, bij andere het ander. Wanneer kom je dan eigenlijk in het gebied van loslaten?

Soms ben je bang om los te laten terwijl je diep van binnen weet dat het juiste weg is. Niet loslaten betekent in dat geval dat je je leven blokkeert. Door vast te houden aan bestaande beelden, ideeën sta je een ontwikkeling in de weg. Je loopt vast, je loopt tegen de muur, je hebt het gevoel steeds op dezelfde rotonde te blijven hangen. Het lukt je niet, hoe veel energie je ergens ook in stopt, om een situatie te veranderen. Dat kan zich op allerlei punten voordoen: denk aan een ruzie in de familie, aan een manier van doen die je eerder in je leven hebt aangeleerd en die je nu opbreekt, denk aan je woonsituatie, denk aan communicatiepatronen op je werk, denk aan een verlangen dat steeds onredelijker wordt, een wens die meer op een eis is gaan lijken, een vraag die een bevel is geworden.

Die vrouw bij het graf, in de laatst hoofdstukken van Lucas, zij hield vast. Ze zat aan het graf ze verdween er zowat in. Ze hield krampachtig vast aan het verleden, aan het beeld van Jezus zoals hij was, toen hij rondliep, preekte, mensen sprak, toen er wonderen om hem heen gebeurden. Dáár wil ze naar terug, daar klampt ze zich aan vast. Ze is bang. Ze heeft verdriet. Ze kan niet verder kijken dan dit graf. Ze zit er aan vastgeketend. En dan, wat gebeurt er dan?

Dat laat ik graag aan jou om te lezen in Lucas. Misschien herken je in dit verhaal iets van je eigen zoeken naar vasthouden en loslaten.